Sazan, het grootste eiland van Albanië

Het eiland Sazan is een onbewoond Albanees eiland in de Adriatische Zee. Het is het grootste eiland van Albanië. Het ligt op een strategisch belangrijke locatie tussen de Straat van Otranto en de monding van de Baai van Vlorë, die de grens vormt tussen de Adriatische en de Ionische Zee. Het eiland heeft een oppervlakte van 5,7 km². Het is 4,8 km lang en 2 km breed, ruwweg twee keer zo groot als het Griend in de Waddenzee. Op het eiland groeien jeneverbes, mirte en wilde olijfbomen.
Sazan stond bij de oude Grieken bekend als Sason (Σάσων) en bij de oude Romeinen als Saso. Het eiland maakte deel uit van het Romeinse Rijk en kwam later onder Byzantijns bestuur.

Tegen het einde van de jaren 1380 erkende Comita Muzaka, weduwe van Balsha II en behorend tot het de Balšić, een Albanese adelijke familie, formeel de Venetiaanse heerschappij over het eiland door een jaarlijkse tribuut van roeiers voor de Venetiaanse vloot te betalen, waarmee ze het wettelijke gezag van Venetië daar bevestigde.

Tegen 1393 werd Sazan officieel erkend als zijnde onder Venetiaans bestuur, terwijl Vlorë en Kaninë onder het gezag van de Balšić bleven. Uiteindelijk veroverden de oprukkende Ottomanen de regio en tegen 1418 vielen ook Vlorë en de omliggende baai, inclusief Sazan, onder Ottomaanse controle.
[Kaart van Sazan uit 1571]

Sazan was een belangrijke maritieme en religieuze plaats in de zuidelijke Adriatische Zee. Op het eiland bevond zich een Mariaheiligdom, in Italiaanse bronnen vermeld als Santa Maria della Suazi. Dit soort religieuze heiligdommen maakten deel uit van een breder netwerk van kustheiligdommen gewijd aan Maria en Sint-Nicolaas, waaronder Panagia Kassopitra (ofwel Santa Maria de Casopoli) op Corfu en Moní Panagías Pantocharás (ofwel Santa Maria de le Scanfarie) op Stamfani, het grootste eiland van de Strofades-eilanden, zo'n 45 kilometer ten zuiden van Zakinthos.

Sazan lag immers langs een gevaarlijk stuk van de Adriatische Zee, waar zeelieden te maken hadden met gevaarlijke stromingen, plotseling opstekende stormen en het risico op schipbreuk. De baaien boden een beschutte ankerplaats.
[Kaart van Sazan uit 1688]

Tegen het einde van de 15e eeuw was Sazan een belangrijke Ottomaanse marinebasis in de Adriatische Zee geworden. In 1696 viel het eiland weer onder Venetiaans gezag.

Na het einde van de Napoleontische oorlogen in 1815 kwam het eiland, samen met de Ionische eilanden, onder Brits bestuur als onderdeel van het Verdrag van Parijs. In 1864 werd het eiland samen met de Ionische Eilanden aan Griekenland afgestaan.

Griekenland bezette Sazan echter niet en het kwam de facto onder controle van de Ottomanen. Na het einde van de Eerste Balkanoorlog in 1913 nam Italië weer de controle over het eiland over en vestigde er een militaire post. Dit werd later in 1915 bekrachtigd door het geheime Verdrag van Londen. Na de Eerste Wereldoorlog stond Albanië het eiland in 1920 formeel af aan Italië als onderdeel van het Albanees-Italiaans protocol. De Italiaanse autoriteiten bouwden er een vuurtoren en enkele fortificaties, en bevolkten het eiland met een paar vissersgezinnen.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog was Sazan de thuisbasis van een basis voor Duitse en Italiaanse onderzeeërs. Na de oorlog, in 1947, droeg het Verdrag van Parijs de soevereiniteit over het eiland over aan Albanië.
Gedurende de Koude Oorlog was Albanië sterk afhankelijk van de Sovjet-Unie. In die tijd bouwden de Sovjets een basis voor Whiskey-klasse onderzeeërs. Na de val van het communisme raakte het eiland onbewoond, maar er is een kleine Italiaans-Albanese marinebasis, bemand door twee soldaten.

Na eeuwen van onrust is de rust op Sazan eindelijk teruggekeerd.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten